In maart 2020 is het sociale leven in Nederland krakend en piepend tot stilstand gekomen. De verspreiding van het coronavirus leidde er toe dat de overheid verregaande maatregelen heeft genomen. Hoe kunnen we meten of het beleid daadwerkelijk effectief is? Zijn daar voor de overheid KPI’s voor op te stellen in het kader van ‘meten is weten’. De Premier zelf zei ‘We varen in de mist.” Toch is er bij velen behoefte aan houvast waar we staan. In deze longread gaan we daar op in.

Corona_virus (m)

Met welke KPI’s de ontwikkeling van de coronacrisis zichtbaar maken?

Nu we allemaal nadenken over hoe het nieuwe coronavirus (COVID-19) ons leven kan beïnvloeden, willen wij graag enkele overwegingen delen. De keuzes die we momenteel moeten maken in zowel privéleven en het publieke domein hebben verregaande gevolgen. Daarom is het belangrijk dat de genomen besluiten en nog te nemen maatregelen zoveel mogelijk gebaseerd zijn op onderbouwde aannames.

De wereld wordt opgeschrikt door de uitbraak van een virus in China

Hoe het begon. In de regio Wuhan in China startte in december 2019 een uitbraak van een nieuw coronavirus, ook wel SARS-CoV-2 genoemd. Het virus kan de ziekte COVID-19 veroorzaken. De meeste patiënten met dit virus hebben koorts en luchtwegklachten. Denk aan hoesten en kortademigheid. Omdat dit een nieuw virus is, is er nog veel onbekend over hoe COVID-19 bepaalde populaties beïnvloedt. Wel weten we inmiddels dat het een zeer besmettelijk virus is. En dat de gevolgen voor de gezondheid veel ernstiger zijn dan een gewone griep. Er vallen meer doden. En personen kunnen in korte tijd na besmetting overlijden. Na China zagen we corona gevallen opduiken in Zuid-Korea, Singapore en Noord-Italië. Vermoedelijk zijn deze gevallen terug te herleiden naar personen die in de regio Wuhan op bezoek zijn geweest.

Het coronavirus duikt op in Nederland

Geen ontkomen aan; ook Nederland is aan de beurt. Vanaf eind februari 2020 hadden we de eerste persoon in Brabant die besmet was geraakt met het coronavirus. Naar men aanneemt was deze  persoon in Italië op vakantie geweest. En op 5 maart was de eerste coronadode te betreuren. Kort daarna waren er meer patiënten die overleden als gevolg van besmetting door het virus. Met het toenemen van het aantal besmettingen, en het aantal doden, zagen we ook de ongerustheid over het coronavirus toenemen. In Nederland, en ook wereldwijd, werden er maatregelen genomen om verdere verspreiding van het virus tegen te gaan. Per land zien we een andere respons. Kenmerkend lijkt wel de onderschatting van de ziekte in eerste instantie.

Een feitelijk beeld van de situatie krijgen

De prangende vraag die actueel is hoe je een feitelijk beeld krijgt van de ernst van de situatie. We hebben niets aan meningen of aannames. Je moet immers zichtbaar hebben hoe het coronavirus zich ontwikkelt om daar gepaste maatregelen op te nemen. Het is voor de overheid balanceren op een dun koord. Aan de ene kant kun je je als overheid niet veroorloven om te weinig maatregelen te nemen; aan de andere kant wil je ook niet overreageren en de hele samenleving onnodig plat leggen. Dat noemen we een ‘lockdown’. We zagen dat overheden in bepaalde landen soms traag reageerden of het probleem bij het begin van de uitbraak zelfs nog negeerden. Achteraf zeer onverantwoord. Evenwel dat is mede te wijten aan gebrek aan kennis en de juiste informatie

Bij het nemen van beslissingen is het essentieel om over betrouwbare data te beschikken en deze om te zetten in bruikbare informatiebrokken. In Nederland wordt informatie onder meer verzameld door gezondheidsdiensten GGD en Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Ziekenhuizen rapporteren over aantal opgenomen patiënten. Regelmatig worden grafieken gepubliceerd.

We zien in de grafiek hoe de aantallen gestaag oplopen.

corona_grafiek

Hoe de crisis te meten? Het aantal besmettingen

COVID-19 is slecht herkenbaar. De ziekte heeft verschijnselen die vergelijkbaar zijn met een stevige verkoudheid of lichte griep. Om zeker te zijn dat iemand besmet is met het nieuwe coronavirus worden zieken getest. Het coronavirus is meldingsplichtig. Dit betekent dat alle artsen en laboratoria elke patiënt met een verdenking van besmetting met het coronavirus moeten melden bij de GGD. De GGD bepaalt samen met de huisarts of een test nodig is. Dat is een speciale procedure met een testkit en het vraagt de nodige deskundigheid van het personeel. In het begin werd iedereen getest die in een besmet gebied, zoals Noord-Italië, was geweest. Bij de toename van het aantal gemeten besmettingen werd het criterium uitgebreid naar mensen die in contact waren geweest met corona.

Toen het aantal besmette personen evenwel nog verder toenam, werd de nieuwe richtlijn om niet meer iedereen te testen. Dat moest de oplopende druk op de testcapaciteit beperken. Zijn de verschijnselen ‘mild’ dan is momenteel het advies ‘uitzieken’. Alleen personen die in de kwetsbare groep vallen worden nog getest. Dat zijn mensen van 70 jaar en ouder en personen die normaliter in aanmerking komen voor een griepvaccinatie. En medewerkers in de zorg worden getest zodra daar aanleiding voor is. Algemeen advies is dat bij ernstige klachten (in combinatie met koorts hoger dan 38 graden) contact gezocht moet worden met de huisarts.

Het aantal besmettingen nam rap toe

Na de eerste meldingen ging het hard. Per 22 maart waren er al totaal 4204 mensen positief getest op COVID-19. Dat zijn dus de geregistreerde besmettingen. Echter omdat lang niet iedereen met klachten getest wordt, zal het daadwerkelijk aantal besmettingen een veelvoud zijn van het aantal positief geteste personen. Het vermoeden is dat er al meer dan 25.000 besmette personen zijn (mijn eigen raming is dat er al ruim 100.000 mensen besmet zijn geweest). Er wordt gesproken over een factor 5 of 6. We hebben dus momenteel geen betrouwbaar beeld in aantal besmette personen. Ook in het buitenland zien we dit fenomeen. Om allerlei redenen wordt niet iedereen met verschijnselen getest. Bijvoorbeeld omdat er te weinig testcapaciteit is. Dat leidt er toe dat vergelijken tussen landen mank gaat; de appel en peer vergelijking ligt op de loer.

Een ander probleem bij het vergelijken tussen landen op basis van aantal besmettingen is dat deze parameter geen rekening houdt met de inwoneraantallen. Beter is dan om aantal besmettingen per land af te zetten tegenover het aantal inwoners. Om het in verhouding te zien. In China wonen nu eenmaal 75 keer meer mensen dan in Nederland en in Italië 3,5 keer zo veel. Als we 4204 personen afzetten op de bevolking van 17,2 miljoen dan is het aantal officiële corona gevallen ca 0,024%. Anders gezegd, 244 personen per miljoen. Dat lijkt dan plots wel een stuk minder zorgwekkend. Alleen, het blijft hier niet bij…

Hoe de crisis te meten? Het aantal IC opnamen en sterfgevallen

De werkelijkheid is evenwel gecompliceerder. Tot op heden is het beeld dat het coronavirus dodelijker is dan de tot nu toe bekende virussen. Per 22 maart waren er in Nederland totaal 179 mensen overleden aan COVID-19.

Het aantal personen dat besmet is geraakt en vervolgens een beroep moet doen op de gezondheidszorg is groter dan bij de andere bekende virussen. Dat betekent dat het onbeheerst verder laten verspreiden van het coronavirus om daarna uit te doven, in eerste instantie een onevenredig beroep zal doen op onze gezondheidszorg. De niets-doen optie, ook wel ‘Do nothing’ leidt naar verwachting tot een dusdanige piek dat de ziekenhuizen patiënten die geen corona hebben niet meer optimaal kunnen behandelen. Met alle vervelende gevolgen voor patiënten die een andere ziekte onder de leden hebben en ook behandeld moeten worden.

Om te weten waar we staan zijn instanties het aantal doden gaan rapporteren. We zien dat terug op de dashboards.

Corona_dashboard

Beschikken over relevante informatie

De coronacrisis maakt veel los. Niet eerder is Nederland opgeschrikt door continue informatie over het aantal sterfgevallen per dag. We merken in de omgeving en op de sociale media dat dergelijke informatie mensen onrustig maakt. De sterfelijkheid van het bestaan komt zo wel heel dicht bij ons. En dat is eigenlijk iets wat we liever niet willen weten….

En toch is het relevant om informatie te hebben over aantal sterfgevallen. We horen ook zeggen “elke dag sterven gemiddeld 380 personen door allerlei oorzaken in Nederland. Dus hoe erg is het als er 20 per dag bijkomen?’ Inderdaad, als het er 20 zijn, is dat 5% meer dan gemiddeld. Het punt is dat onze samenleving ingericht is op de huidige aantallen. Die kunnen we aan. Stel dat er bijvoorbeeld meer dan 50 mensen per dag sterven aan COVID-19, dan ontstaat er een onbeheersbare piek op allerlei plekken. Dan kunnen ziekenhuizen het niet meer aan. Dan kunnen we de doden niet meer fatsoenlijk begraven. We weten niet precies wanneer de IC’s echt gaan kraken, de Nederlandse Vereniging van Intensive Care monitort dat voortdurend, we weten wel dat we dat moeten voorkomen.

Hoe het virus te beteugelen? Beleid van social distancing

Gelukkig is de mens ook in staat om immuniteit op te bouwen tegen het virus. Dat is de enige oplossing momenteel, omdat er (nog) geen vaccin beschikbaar is. Personen die COVID-19 hebben gehad in een milde vorm, kunnen niet meer besmet raken en anderen besmetten. Er is berekend dat zodra meer dan 60% van de bevolking immuun is, de verdere grootschalige besmettingen stoppen. Dat is ook wel bekend geworden als ‘groepsimmuniteit’. Omdat het virus wel heel besmettelijk is, moeten we zorgen dat de verspreiding van het virus gecontroleerd verloopt. Vooral de kwetsbare groep moet buiten schot blijven. Immers als er teveel mensen ziek zijn, waarvan er teveel met ernstige klachten, loopt de gezondheidszorg over.

Daarom zijn de door de overheid afgekondigde maatregelen er op gericht het sociale verkeer te beperken. Dat betekent dat scholen zijn gesloten. De horeca is dicht. Bij organisaties wordt waar mogelijk thuis gewerkt. Het vliegverkeer is teruggeschroefd, et cetera.

Juist vanwege het besmettelijk karakter is het dringende verzoek aan de bevolking gedaan om afstand van elkaar te bewaren: blijf op 1,5 meter afstand van elkaar. We noemen dat een beleid van ‘sociale onthouding’ of wel ‘Social distancing’. Daar moeten we ons dan wel aan houden. Dat is voor sociale wezens als de mens bijzonder lastig om zich aan te houden. Daarom wordt dit in sommige landen afgedwongen. Het land zit op slot. De ‘Lockdown’. In Nederland zitten we medio maart in een Light Lockdown. Die periode moeten we gebruiken om te leren hoe het virus zich verspreid, hoe we het effectief kunnen bestrijden, hoe we de gezondheidszorg kunnen voorbereiden op extra instroom en hoe we de getroffen burgers en bedrijven het beste kunnen ondersteunen. De lockdown raakt de economie hard.

In onderstaand figuur heet dat de fase van ‘Hammer’

Corona-hammer

Meten of het beleid werkt

De vraag is dus wanneer het beleid succesvol is en de genomen maatregelen werken? Dat is wanneer met name het aantal personen dat ernstig ziek wordt afneemt en het aantal sterfgevallen significant minder wordt. Dan kunnen we terugkeren naar ‘normaal’, naar ‘business as usual’. Want er moet een moment komen om de teugels weer wat te laten vieren. Dan moeten we door een fase die in de figuur ‘The dance’ heet. Al balancerend leren omgaan met de nieuwe situatie, stap voor stap los laten en weer bijsturen wanneer nodig.

Daarbij is continue meten essentieel. Dat doen we met indicatoren die hier boven genoemd zijn. Vanuit managementperspectief noemen we deze ook wel de kritieke prestatie-indicatoren (KPI’s). Ze heten kritiek, omdat je hier beslissingen op neemt; er wordt op gestuurd. De belangrijkste zijn volgens ons:

  • het aantal besmette personen
  • het aantal besmette personen ten opzichte van de totale populatie
  • de positief geteste personen met COVID-19
  • het aantal opgenomen patiënten met COVID-19 in het ziekenhuis
  • het aantal doden als gevolg van het coronavirus
  • aantal mensen dat herstelt na melding van besmetting

Daarnaast is het meten van de doorstroom in de IC’s van de ziekenhuizen relevant in verband met de beddencapaciteit en het tijdig bijschakelen. Iets waar de Nederlandse Vereniging van Intensive Care (NVIC) al bezig mee lijkt.

Dus nu vooral dagelijks kijken naar de afname en toename van de bovenstaande KPI’s. Het overheidsbeleid werkt als we zien dat het aantal nieuwe besmettingen afneemt, het aantal echte zieke patiënten daalt en daarmee ook het aantal sterfgevallen.

Dit zijn dan de harde, zakelijke indicatoren die de besluitvormers beschikbaar moeten hebben. Omdat het onmogelijk is iedereen met klachten te testen, zal op korte termijn een systeem opgezet moeten worden om daarvan een beeld te krijgen. Kernvraag: Op welk moment in de tijd is circa 60% van de bevolking in aanraking gekomen met het virus en derhalve immuun? Is dat in 3 tot 7 weken mogelijk?

We hebben ook softe KPI’s. Hoe staat het met de ‘softe’ indicatoren als vertrouwen en beleving van angst en onzekerheid. Zaken die in onze optiek ook onderzocht moeten worden. We zien dat onzekerheid leidt tot angstgevoelens, wat weer leidt tot lastig te verklaren gedrag als ‘hamsteren’.

De crisis in beeld houden met de feiten

De uitbraak van het coronavirus leert dat we moeten accepteren dat er een factor onzekerheid is. Het is een nieuwe situatie waar we nauwelijks op voorbereid zijn. Toch kunnen we de verspreiding niet op zijn beloop laten, dat heeft dramatische gevolgen voor de volksgezondheid en aantal doden. Dat vinden we onacceptabel.

Daarom vinden we het belangrijk dat de overheid op ieder van de genoemde KPI’s weet hoe het er voor staat, dat de data betrouwbaar zijn en dat de burgers daar goed over worden geïnformeerd. Hier moet zwaar op worden ingezet. Op feiten beslissingen nemen. En we bevelen aan dat de overheid een programma ontwerpt gericht op geestelijk welzijn gedurende deze periode als deel van de communicatiestrategie.

De coronacrisis vraagt het nodige van ons land. Een enorme inzet om daar door heen te komen. We verwachten wel daarbij dat onze politici eensgezind zijn in de aanpak. Dat ze de verschillen voor even opzij zetten. We verwachten dat de regering en de overheidsdiensten adequaat handelen. We verwachten dat de gezondheidszorg paraat staat. En we mogen ook van onszelf verwachten, en onze medeburgers, dat wij onze verantwoordelijkheid nemen en de afgekondigde maatregelen respecteren zolang ze duren….

Ik heb er vertrouwen in dat we dat kunnen. Economisch hebben we een buffer. En in tijden van crisis toont ons land zijn veerkracht. Hopelijk zijn we dan in een paar weken weer aan het normaliseren.

En ondertussen. Houd moed.

Opsteller:

Eldert de Jager, Directeur Fenmen. Consultant op het vlak van managementinformatiesystemen en managen van prestaties met KPI-dashboards

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Hans Prein.

Hans Prein, eigenaar HansPrein. Science en Business. Onafhankelijk adviseur en interimmanager. www.hansprein.nl

 

Lees meer over Kompasteamhttps://kompasteam.nl/over-het-kompasteam/

Lees meer over Fenmen https://fenmen.nl/over-fenmen/

Doe de Zelftest Stuurinformatie

Wilt u weten hoe het in uw organisatie gesteld is met de beschikbaarheid en kwaliteit van uw stuurinformatie?
Doe dan de Zelftest stuurinformatie en ontvang het rapport met uw uitkomsten afgezet tegen de benchmark.

Doe de Zelftest

Aanpak Kompasteam

Kompasteam steekt de handen uit de mouwen als een grootboek anders moet worden ingericht of een logistiek proces om te komen tot betere sturing

Aan de slag gaan met KPI's en dashboards betekent vooral de basis op orde brengen. Kompasteam kijkt daar eerst naar.

De klanten begrijpen dat verandering tijd kost. Kompasteam snapt dat haast averechts kan werken.

Klanten stellen de praktische en toegankelijke wijze van handelen op prijs.

Contact

Heeft u vragen/opmerkingen of wilt u een afspraak maken? Vul het contactformulier in en wij zullen z.s.m. contact met u op nemen.